Het klokhuis | Peanuts
In deze tijd van crisis proberen vader en moeder hun gezin op economische wijze te runnen, maar dat heeft onverwachte consequenties.
INT. BOERDERIJ / KEUKEN
Een zuurpruim van een MOEDER zit kaarsrecht aan het hoofd van een tafel, waarop een boerenontbijt is uitgestald. VADER zit tegenover haar. Gestommel.
ZOON (O.S.)
Ha-ha, ik ben toch eerder!
Met een noodgang vliegt een 14-jarige ZOON naar zijn stoel tussen VADER en MOEDER in. Hun 15-jarige DOCHTER gaat naast hem zitten.
ZOON (TEGEN VADER, CONT.)
Mag ik een ei?
De VADER pakt een pasgekookt ei van een schaaltje.
MOEDER
Dat is dan negentig eurocent.
De VADER schrijft het bedrag zorgvuldig in een kasboek. Verbaasd kijkt de ZOON naar zijn MOEDER.
VADER
Tja, het zijn barre tijden en we moeten allemaal ons steentje bijdragen.
KRMPFFF! De DOCHTER gniffelt, terwijl ze pindakaas op haar boterham smeert.
MOEDER (CONT.)
En voor jou is het éen euro tien.
DOCHTER
Eén euro tien voor wat pindakaas?!
VADER
Dan moet je maar wat dunner smeren.
Terwijl de ZOON zijn glas inschenkt, houdt zijn MOEDER het melkpeil scherp in de gaten.
MOEDER
Twintig cent… veertig… zestig…
DOCHTER (VERVOLGT)
Voor een euro koop je een hele pot!
VADER
Ja, maar dan moet je wel eerst naar de winkel fietsen en weer helemaal terug. Dat kost ook geld.
Met de kaasschaaf snijdt de ZOON ondertussen kaas voor zijn boterham. De MOEDER telt iedere plak:
MOEDER
Vijf-en-zeventig cent… éen euro vijftig… twee euro vijf-en-twintig.
De VADER schrijft verwoed mee in het kasboek.
VADER (TEGEN ZOON)
Dat was je zakgeld voor deze maand.
De DOCHTER grist het laatste ei van het schaaltje.
MOEDER (TEGEN DOCHTER)
(snel) Eén euro twintig.
DOCHTER
Wat?! Daarnet was het nog negentig cent!
MOEDER
Ja, schaarste, hè. Dan stijgt de prijs.
ZOON
Eén euro vijftig als ik dat ei mag!
DOCHTER
Nee, ik had ‘m eerder.
VADER
Maar hij biedt meer, dus sorry.
Hij wil het ei aan zijn ZOON geven.
DOCHTER
Eén euro zeventig!
ZOON
Twee euro!
DOCHTER
Vijf euro!
ZOON
Twintig!
DOCHTER
Dit is belachelijk.
ZOON
Geef hier dat ei.
VADER heeft driftig meegeschreven in het kasboek.
VADER
Alleen als je een krantenwijk neemt. Anders kun je het nooit betalen.
ZOON
Ehh… Is mijn skateboard ook goed?
DOCHTER
Ik hoef NIETS meer!
MOEDER
Mooi, dan kun je me helpen met afruimen.
Maar de DOCHTER blijft bewegingloos zitten.
DOCHTER
Voor hoeveel?
Verbluft kijkt de MOEDER naar haar DOCHTER.
MOEDER
Lieverd, ik kan niet alles alleen. De was moet nog worden opgehangen, de kamer gestofzuigd.
DOCHTER
Voor twintig euro was ik af.
De MOEDER hapt naar adem van verontwaardiging.
MOEDER (TEGEN ZOON)
Marco, help jij me dan?!
Meewarig schudt de ZOON zijn hoofd:
ZOON
Oei-oei-oei, mijn uurtarief ligt héel hoog!
Vragend kijkt de MOEDER naar VADER die zijn kasboek bestudeert.
VADER
Met dit ontbijt hebben we dertig euro zeventig verdiend.
ZOON
Daar doe ik het voor!
En tevreden begint hij de ontbijttafel af te ruimen. VADER en MOEDER kijken onthutst toe.