Het klokhuis | Kantoor 24 | Scène 1

Het redactiehoofd van Het Klokhuis raakt gefascineerd door een experimentele biomotor en haalt daarvoor de hele planning overhoop.

INT. REDACTIE VAN HET KLOKHUIS


Op het bureau van Wouter staat een ingewikkelde opstelling van een trechter, allerlei buizen en een startmotor. Leonoor telefoneert.

LEONOOR (IN HOORN)

Nee, het is niet erg, Wouter, doe maar rustig aan. De hele aflevering is toch al klaar.
Woest loopt Ben de redactie binnen.

BEN

Eén euro vijfenzestig per liter! Dat is toch niet normaal?!

LEONOOR (TOT TIMO)

Waar heeft hij het over?

TIMO

Karnemelk, denk ik, of jenever.

BEN (VERVOLGT)

En ik verbruik zo’n twintig liter per week. Minstens. Dus ik heb geen keus.

TIMO (DISCREET)

Misschien moet je iets minder drinken.

LEONOOR (BEZORGD)

Of professionele hulp inschakelen?
Ben kijkt haar niet-begrijpend aan.

BEN

Hoezo? Gaan die mijn auto dan duwen?!

TIMO & LEONOOR

O, benzine! Je hebt het over benzine!

BEN

Ja, wat anders?! Nog even en ik moet met het openbaar vervoer naar m’n werk. Of nog erger: op de fiets!

TIMO

Net als ik.

BEN

(ziet opstelling) Wat is dit nou weer troep?!

LEONOOR

Proefje van Wouter.

BEN

Mij blijft ook niets bespaard.

TIMO

(lacherig) Hij probeert een motor te laten draaien op sperzieboontjes en een kropje sla. Voor een schoner milieu, ha-ha!

LEONOOR

Ik ruim het wel even op.

TIMO

Echt volkomen…

BEN

Briljant!

TIMO

Ja… dat woord zocht ik.

BEN

Biobrandstof, dat is innovatief, dat is revolutionair, dat is… Het Klokhuis! Dit moeten we vanavond uitzenden!

LEONOOR

Maar we hebben al een reportage van Bart en het recept van een broodje gezond!

BEN

Boring! Daar kijkt geen hond naar!

TIMO

We hebben er een week aan gewerkt!

BEN

Had het dan even aan mij gevraagd, want waarom denken jullie eigenlijk dat ik de baas ben van deze toko?

LEONOOR

Omdat niemand anders wilde?

TIMO

Vriendjespolitiek?

LEONOOR

Je bent de alleroudste?

BEN

(negeert hen) Omdat ik een feilloze intuïtie heb. Ik voel precies waar de hele wereld op wacht. Zoals dit! (wijst naar opstelling) Dus Timo, waarschuw de zender maar.
Timo schiet de redactie uit.

BEN

We gooien de hele uitzending om!

LEONOOR

Maar daar is helemaal geen tijd meer voor!

BEN

Des te beter! Televisiemaken op het scherpst van de snede, daar hou ik van! Pats-boem, bovenop de actualiteit! Voel je die adrenaline? Voel je de zenuwen al gieren door je lijf?! This is television, man! Wouter, are you ready?
Geen reactie. Ben kijkt om zich heen.

BEN

Wouter?

LEONOOR

Die staat nog in de file.

Het klokhuis | Heterdaad

Een inbraak verloopt niet helemaal zoals de inbreker zich had voorgenomen.

INT. WOONKAMER & OPEN KEUKEN


Een woonkamer met open keuken van een luxe villa. Zacht knarsend gaat de voordeur open. Het schijnsel van een zaklantaarn valt door het raam van de gangdeur. Een INBREKER sluipt naar binnen en schijnt de woonkamer rond. Hij draait zich om en plots valt het schijnsel op het gezicht van een BUURMAN.

INBREKER

WOEAAHH!

BUURMAN

Gaat u rustig verder, hoor. Ik kom alleen maar even kijken.
Hij draagt een buitenjas, een hoedje en houdt een teckel aan een riem.

INBREKER

Maar…

BUURMAN

Ik heb nog nooit een inbraak gezien, vandaar.

INBREKER

(zucht) Als u maar stil bent.
Met zijn zaklantaarn sluipt hij de woonkamer binnen.

BUURMAN

Tuurlijk, tuurlijk! Van ons heeft u geen last, hè Trixie?
Hij tilt zijn teckel van de grond en doet het grote kamerlicht aan.

INBREKER

LICHT UIT! DOE DAT LICHT UIT!

BUURMAN

Maar dan kan ik toch niets zien?!
Rats! Rats! De inbreker heeft vliegensvlug de gordijnen voor de glazen pui dichtgetrokken.

INBREKER

Moet de hele buurt meegenieten soms?

BUURVROUW

Nou, de meesten liggen al te slapen.
Verbijsterd draait de inbreker zich om. Vanuit de gang is een buurvrouw in duster belangstellend de kamer binnengekomen.

INBREKER

Wie… Hoe… DOE DIE VOORDEUR DICHT!
De buurman snelt de gang in om de voordeur te sluiten.

BUURVROUW

Hier gebeurt anders nooit iets. Zo saai!
De inbreker grijpt een dvd-speler. De buurman komt weer binnen.

BUURMAN

Die zou ik niet nemen. Is al maanden stuk.
De inbreker zet een dvd-speler terug en grijpt een kandelaar.

BUURVROUW

En die is nep. Heeft ze me zelf verteld.

BUURMAN

Daar moet u kijken. Achter dat schilderij.
Inderdaad: achter een schilderij vindt de inbreker een safe. De twee buren kijken geïnteresseerd toe hoe hij aan het slot draait.

BUURVROUW

Volgens mij is het een amateur.

BUURMAN

Welnee, hij heeft gewoon wat tijd nodig.

INBREKER

WEES STIL! WEES IN GODSNAAM STIL!
Doodse stilte, terwijl hij naar het slot luistert. Plotseling trekt de buurvrouw de hoorn van een telefoon en toetst een nummer in.

BUURVROUW

Hai, Lisa, met mij! Wat was ook alweer het nummer van jullie safe? (…) Vier, drie, vier, vijf. Dankjewel, schatje, tot morgen.
Ze legt de hoorn neer. Totaal verbluft staart de inbreker haar aan.

BUURVROUW

Ja, het duurt zo lang. En ik moet m’n haar nog doen.
Haastig propt de inbreker spullen vanuit de safe in zijn rugzak.

BUURMAN

Dat past er nooit in. Hier.
Hij duwt de verbouwereerde inbreker een plastic tas in handen.

BUURVROUW

Zullen we een wijntje nemen om het te vieren?
Aan de voorkant komen auto’s met loeiende sirenes tot stilstand.

INBREKER

Ik ehh… moet er helaas vandoor.
Snel schuift hij de glazen pui open en haast zich met zijn buit de donkere achtertuin in, terwijl beide buren hem staan na te wuiven.

BUURVROUW

(roept) Kijkt u de volgende keer eens op nummer 38. Die hebben een verzameling Chinees porcelein.

BUURMAN

(roept) Zal ik de tuinverlichting voor u aandoen?!

INBREKER (OFF)

NEE! NEE!
Maar de buurman heeft al een schakelaar omgehaald en de achtertuin wordt in een fel licht gezet.

POLITIEAGENT (OFF)

STAAN BLIJVEN OF IK SCHIET!
Twee waarschuwingsschoten. Hondengeblaf. Vanuit de woonkamer bekijken beide buren met interesse het schouwspel.

POLITIEAGENT (OFF)

HANDEN OMHOOG! NU!

BUURVROUW

Tsjongejongejonge, een echte inbreker!

BUURMAN

Ja, de buurt holt achteruit.
Beiden nemen een slokje van hun wijn.

Het klokhuis | Hard hoofd

Een dokter heeft zo zijn eigen methode om een gecrashte fietscrosser uit zijn helm te bevrijden.

INT. POLIKLINIEK / BEHANDELKAMER


Op een behandeltafel zit een 14-jarige ZOON in fietscrosskleding en een oversized helm op zijn hoofd. Zijn VADER zit op zijn hurken voor hem.

VADER

Rustig maar. Je bent hier in goede handen.

DOKTER (O.S.)

WOW! Zo’n waterhoofd heb ik nog nooit gezien! Wat een beauty!
Enthousiast is een DOKTER binnengekomen.

VADER

Het is zijn helm. Die zit muurvast.

ZOON

(luid) Tijdens de wedstrijd ging ik in de derde heat onderuit en toen moet hij zijn beschadigd.

DOKTER

Ja, en niet alleen de helm of praat hij altijd zo hard?

VADER

Hij hoort u niet, dokter. Wat moeten we doen?!

DOKTER

Ik zou er gele stippen op schilderen, misschien valt hij dan minder op.

VADER

Maar zo kan hij toch niet naar school? Die helm gaat met geen mogelijkheid los.

ZOON

Ik wilde langs buitenom inhalen, maar toen gleed ik weg met mijn voorwiel.

DOKTER

We kunnen electroshocks proberen.

VADER

Maakt dat de helm wat buigzamer?

DOKTER

Nee, maar dan houdt hij tenminste z’n mond.

VADER

Dokter, alstublieft, haal die helm eraf!

DOKTER

Okidoki!
Van onderuit een kast haalt hij een levensgrote slijptol.

VADER

Is dat niet gevaarlijk?

DOKTOR

Nee hoor, ik draag een veiligheidsbril.

VADER

En zijn hoofd dan?

DOKTER

Dat zetten we na afloop weer in elkaar met een paar schroefjes. Standaardprocedure.

VADER

U heeft dit weleens eerder gedaan?!

DOKTER

Nee, maar ik zag het op een instructiefilm.

VADER

O, gelukkig.

DOKTER

Bodysnatchers drie.
RRRRRENNNNGGG! Hij heeft de slijptol aangezet en nadert de helm.

VADER

MOET ER GEEN TRAUMATEAM KLAARSTAAN? EEN CARDIOLOOG, ANASTAESIST, VERPLEEGKUNDIGEN?

DOKTER

O NEE, GEEN GETUIGEN ALSJEBLIEFT! DAN KUNNEN WE LATER ALLES NOG ONTKENNEN.
Wanhopig trekt de VADER de stekker uit het stopcontact.

VADER

Stop! Gaat hij het wel redden?!

DOKTER

Pff, da’s een lastige. Hoeveel ronden lag hij achter?

VADER

De operatie, bedoel ik. Wat zijn z’n kansen?!

DOKTER

Ongeveer dertien tegen éen, maar voor aanvang inzetten en contant betalen.

VADER

OVERLEEFT HIJ DIT OF NIET?!

DOKTER

Ehh… Nee.
In afschuw slaakt de VADER een kreet.

DOKTER (CONT.)

Ja, ik speel maar op safe, dan kan het later altijd nog meevallen.
RRRRENNNNGG! Hij heeft de slijptol weer ingeschakeld.

ZOON

NIET DOEN! IK BEN AL GEWEND AAN DIE HELM.

DOKTER

Maar dan missen wij alle fun!

VADER

NIET DOEN! LAAT MIJN ZOON MET RUST!

DOKTER

HET IS ZO GEBEURD. NET ALS EEN CONSERVENBLIKJE.
De VADER neemt het hoofd van zijn ZOON in bescherming.

VADER

NEEEEE! NEEEE!
In doodsangst schiet de ZOON los uit zijn helm en gaat er met zijn VADER meteen vandoor. De DOKTER zet de slijptol uit.

DOKTER

Ziezo. Werkt altijd.

Het klokhuis | Grondwerk

Een werkschuwe jongeman maakt kennis met de fascinerende wereld van het putjesscheppen.

INT. GRONDWERKERSTENTJE


Binnenkant van een grondwerkerstentje met de uitgang naar rechts. In een muur van zand achter is een enorme kluwen kabels zichtbaar in het licht van een werklamp. Ernaast zit een door-en-door besmeurde PUTJESSCHEPPER zijn boterham te eten. Buiten razen auto’s voorbij.

STEM VAN NIEUWELING

(verontwaardigd) Putjesscheppen! Ik! Met mijn opleiding! Putjesscheppen!
Een jongeman in brandschone overall komt met een gereedschapskist de tent binnen.

NIEUWELING

Vijftien jaar lang heb ik iedere maand trouw m’n uitkering opgehaald. Nog nooit heb ik gewerkt. Geen dag. En wat is m’n beloning?! Ik moet PUTJES-SCHEPPEN!

PUTJESSCHEPPER

Het is anders best een boeiend vak.
Hij heeft zijn boterhammen op en likt zijn besmeurde vingers schoon.

NIEUWELING

Ha! Graven met een schep in het zand! Hoe boeiend kan dat zijn?!

PUTJESSCHEPPER

Voorbeeldje. Kijk maar eens naar buiten.
De nieuweling steekt zijn hoofd door de tentflap naar buiten. De putjesschepper pakt een draadtang en knipt achteloos een kabel door.

NIEUWELING

Maar… Hè?! Alle lantaarnpalen gaan uit?!

PUTJESSCHEPPER

Ja, van hier tot Purmerend. Goed, hè?
Hij wappert met de losgeknipte kabel in de lucht.

PUTJESSCHEPPER

Door éen simpel kabeltje, waar alleen wij bij kunnen. Niet gek toch? En zo liggen er wel tientallen.
In de verte klinken piepende remmen en… BOEM! Een auto klapt op een voorganger. En meteen daarna: BOEM! BOEM! Een kettingbotsing.

PUTJESSCHEPPER (CONT.)

Neem nou deze kabel bijvoorbeeld. Waar denk je dat die voor is?

NIEUWELING

Radio? Telefoon? Internet?
De putjesschepper schudt lachend zijn hoofd en knipt dan in éen beweging de kabel door. Even blijft het stil… dan beginnen overal in de verte BB-luchtsirenes te gillen: WOEOEOEOEOEOEOEOE!

NIEUWELING (CONT.)

O, de luchtsirenes, ha-ha-ha!

PUTJESSCHEPPER

Zie je wel, je kunt dit werk zo afwisselend maken, als je zelf wilt. Kijk hier: de hogedruk-gasleiding naar Monnickendam.
Hij klopt op een stalen leiding achter de kabels.

PUTJESSCHEPPER

Hierdoor kan iedereen daar koken.
Hij trekt een hendel bovenop de leiding naar zich toe.

PUTJESSCHEPPER (CONT.)

En nou niet meer… (duwt de hendel terug). En nou weer wel… Nou niet… wel… niet… of zat hij andersom?
Hij kijkt naar de hendel en twijfelt. Tenslotte duwt hij de hendel weer terug. In de verte klinken enorme gas-ontploffingen: BOEM!

NIEUWELING

Leuk, zeg!

PUTJESSCHEPPER

Het duurt even voor je alle kabels kent, maar anders knip je ‘m gewoon door en dan merk je het snel genoeg.

NIEUWELING

Mag ik ook eens?

PUTJESSCHEPPER

Tuurlijk! Kies maar.
Hij geeft de nieuweling zijn draadtang en die zweeft ermee boven de verschillende kabels. Behalve de gas-explosies, crashende auto’s en het luchtalarm, klinken in de verte nu ook politie-sirenes.

NIEUWELING

Uhh, ik kie-ies… deze!
Hij trekt een dunne kabel naar zich toe.

PUTJESSCHEPPER

(geschrokken) Nee, niet die! Niet die!
Maar… tsjak! Te laat. De nieuweling heeft de kabel doorgeknipt en meteen is het aardedonker in het tentje. Stilte.

PUTJESSCHEPPER (CONT.)

Dat was m’n verlengsnoer.

Het klokhuis | Een gouden vondst

Een schatgraver waant zich rijk als hij een grote schat vindt, maar dan verschijnt de onwaarschijnlijke eigenaar.

EXT. VERLATEN AKKER


Piep-piep-piep! Klinkt er vanuit een kuil op een verlaten akker. Op de bodem zoekt een SCHATGRAVER met een metaaldetector.

SCHATZOEKER

Hè?! Daar ligt iets…
Hij valt op zijn knieën en graaft met blote handen een vaas uit.

SCHATZOEKER (CONT.)

Maar dat lijkt wel…
Hij keert de vaas om en een stroom goudstukken valt op de grond.

SCHATZOEKER (CONT.)

GOUD! GOUD! EINDELIJK!
In tranen kust hij de munten en laat ze door z’n vingers rollen.

SCHATZOEKER (CONT.)

M’n hele leven heb ik al gezocht en nu… nu heb ik het! En niemand neemt mij dit meer af!

STEM (O.S.)

Buon giorno, amico. Mag ik mijn geld terug?
Stomverbaasd kijkt de schatgraver omhoog: op de rand van de kuil staat een ouderwetse ROMEIN in volle wapenuitrusting.

ROMEIN (CONT.)

Voor de veldslag heb ik het hier begraven, maar we hebben gewonnen, dus kom ik het weer ophalen.

SCHATZOEKER

… maar dat is toch… hoe kan…

ROMEIN

Er zitten gouden munten tussen en Caesarpenningen, kijk maar.

SCHATZOEKER

NEE! NEE! VAN MIJ!
Hij graait de munten bijeen en drukt de vaas tegen zich aan.

ROMEIN

Wat krijgen we nou? Wil jij mij beroven?!

SCHATZOEKER

Ik heb het eerlijk gevonden.

ROMEIN

Terwijl ik mijn leven waag voor het Groot-Romeinse rijk, steel jij stiekem mijn geld?
Hij trekt zijn korte zwaard.

SCHATZOEKER

Ik heb er recht op.

ROMEIN

Jullie Bataven hebben nergens recht op. Wij hebben jullie allang verslagen. Maar dat wil ik best nog een keertje overdoen!

SCHATZOEKER

Nee, dat kan niet, jullie zijn dood!

ROMEIN

Wat? Gaan we nog dreigen ook?!

SCHATZOEKER

U bestaat niet. Alleen in mijn hoofd. Ja, dat is het. U bent er gewoon niet echt.

ROMEIN

O JA? EN IS DIT OOK NIET ECHT?! EN DEZE?! OF DEZE?!
Kloink! Kloink! De romein is in de kuil gesprongen en slaat met zijn zwaard, dat de schatzoeker afweert met de metaaldetector.

ROMEIN (CONT.)

Eeuwenlang proberen wij jullie barbaren wat Romeinse beschaving bij te brengen en dan is dit jullie dank?!
Hij slaat de metaaldetector uit de handen van de schatzoeker.

ROMEIN (CONT.)

Caesar weet wel raad met opstandelingen zoals jij. Die gooit jou meteen voor de leeuwen.

SCHATZOEKER

Nee, genade, meneer de Romein!
Hij is op zijn knieën gevallen en houdt zijn handen smekend omhoog.

SCHATZOEKER (CONT.)

Ik was dom. Ik wist niet beter. Alstublieft.
Hij duwt de vaas met goudstukken naar de Romein toe. stilte.

ROMEIN

Nou, vooruit. Je mag blijven leven.

SCHATZOEKER

Dank u, dank u!
De Romein steekt zijn zwaard weg en raapt het goud bijeen.

ROMEIN

Hier. Koop eerst maar ‘ns wat fatsoenlijke kleren.
Hij gooit een bronzen muntje naar de schatzoeker en vertrekt.

SCHATZOEKER

Grazie, meneer de Romein, grazie!

ROMEIN

(in camera) Het moet niet gekker worden, zeg!

Het klokhuis | Geveltoerist

De poten van gekko’s blijven tegen ramen plakken en dat trekt de aandacht van een specifieke beroepsgroep.

EXT. VERLATEN KANTOORGEBOUW


Een verlaten kantoorgebouw. Onder spannende muziek verschijnt een zwartgeklede INBREKER met een werpanker aan een touw.

INBREKER

(binnensmonds) Eén… twee…
Het werpanker valt kletterend terug op de stoep. Snel rolt de inbreker het touw op voor een tweede poging… maar het anker wordt al aangereikt door een VERKOPER in een keurig kostuum.

VERKOPER

Alstublieft.
De muziek breekt abrupt af. Stilte. Geschrokken staart de inbreker naar de verkoper die alweer belangstellend omhoog kijkt.

VERKOPER (CONT.)

Gaat u rustig verder, hoor. Fascinerend om een oude vakman aan het werk te zien.
Weer valt het werpanker met luid gekletter terug.

VERKOPER (CONT.)

Hi-hi-hi, best een klus nog.

INBREKER

Hallo, mag ik even?! Ik probeer me te concentreren, ja.

VERKOPER

Het ziet er ook zo knullig uit. Is het weleens gelukt?

INBREKER

Meneer, zo doe ik het al twintig jaar!

VERKOPER

Met een touw en dat idiote anker?

INBREKER

Ja, hoe kom ik anders boven?!

VERKOPER

Ik ben blij dat u het vraagt!
Met zijn aktentas komt hij bij de inbreker staan.

VERKOPER (CONT.)

Wordt het niet eens tijd voor een moderne aanpak? Een beetje professionele inbreker bungelt toch niet meer aan een touwtje? Die sluipt op handen en voeten naar boven…
Met gekromde rug en graaiende handen maakt hij sluipbewegingen.

INBREKER

Als spiderman zeker?!

VERKOPER

Precies! Langs ramen, metershoge muren. Moeiteloos! Niets houdt u nog tegen.

INBREKER

Behalve de zwaartekracht dan.

VERKOPER

Niet met… DIT!
Uit zijn aktentas heeft hij oversized handschoenen en pantoffels gehaald met uitstaande vingers zoals de poten van een gekko.

INBREKER

Dat?

VERKOPER

(fluistert) Nieuwste van het nieuwste. Geïnspireerd op de poten van een gekko. Probeer maar.
De inbreker trekt de mega-pantoffels en handschoenen aan en ziet er volkomen belachelijk uit. De verkoper bekijkt hem. Stilte.

VERKOPER (CONT.)

Mja. Het is even wennen.

INBREKER

En nu?

VERKOPER

(lyrisch) Klimmen natuurlijk! Helemaal naar boven!
De inbreker drukt zijn voeten en handen tegen de glazen wand.

INBREKER

Ze kleven! Het werkt!

VERKOPER (VERVOLGT)

Zie je wel! Ren tegen de gevel op! Dans over de ramen! Geniet van alle vrijheid!
De inbreker staat nu met beide handen en voeten plat tegen het raam geplakt en kan zich niet meer bewegen.

INBREKER

… Ik wil wel… maar ik zit vast…
De verkoper komt bij hem staan.

VERKOPER

Het heeft natuurlijk nog wel wat kinderziektes.

INBREKER

Maar hoe… ik… help!

VERKOPER

Ik bel de politie wel even om je los te snijden.
Hij haalt een pasje uit zijn zak en haalt hem door een sleuf. Schuifdeuren glijden open en de verkoper verdwijnt in het kantoorgebouw.

INBREKER

… krijg nou wat…
In de verte klinken politiesirenes.

Het klokhuis | Gedeeld geluk

Bastiaan wil de hand vragen van Angelique, maar alleen onder vier ogen, anders durft hij niet.

INT. FLAT – WOONKAMER


Een keurig flatje. Vanuit de gang klinkt een opgewonden stem:

BASTIAAN (OFF)

Angelique, o Angelique, de hele stad ben ik doorgerend om jou te zien! Dwars door het Wilhelminapark, over de spoorlijn en tegen het verkeer in. Want ik hield het geen seconde langer uit!

ANGELIQUE (OFF)

Hi-hi-hi, die Bastiaan toch, kom verder. Je bent helemaal nat.
Een JONGE VROUW komt verlegen-opgewonden de woonkamer binnen, gevolgd door een bloednerveuze JONGEMAN met een boeket.

BASTIAAN

Ik moest je spreken! Alleen! Anders zou ik nooit durven vragen, wat ik je nu ga vragen…
Hij legt het boeket weg, zakt neer op een knie en pakt haar hand.

ANGELIQUE

Hi-hi, gekkie, wat doe je nou allemaal?

BASTIAAN

(plechtig) Angelique…

BUURMAN (RECHTS)

Kom gauw! Dit mag je niet missen!
Stilte. Onthutst staart Bastiaan naar de muur achter Angelique.

BASTIAAN

Wie was dat?

ANGELIQUE

O, de buren. Het is een beetje gehorig hier. Maar ga verder.

BASTIAAN

Ja… ja… Angelique, we kennen elkaar nog niet zo lang, maar toch voel ik… Met heel mijn hart voel ik…

BUURVROUW (BOVEN)

Wat voelt ie?

BUURMAN (RECHTS)

Stil mens, dat gaat ie nu zeggen.
Bastiaan is helemaal van zijn apropos gebracht en kijkt omhoog.

BASTIAAN

Het is hier echt gehorig, zeg.

ANGELIQUE

Laat je niet afleiden, schatje. Wat voel je nou precies?

BASTIAAN

… ja… ik ehh… ik voel…

SURINAAMSE BUURJONGEN (ONDER)

Zijn ze al aan het zoenen?

BUURVROUW (BOVEN)

Ik hoor wel gesmak.

BUURMAN (RECHTS)

Da’s m’n vrouw. Die lapt de ramen.

ALLE BUREN (OFF)

Ha-ha-ha!

ANGELIQUE

(woest) WAT VALT ER HIER TE LACHEN?!

BASTIAAN

Ik zal die bloemen wel even in het water zetten.
Hij wil overeind komen en de bloemen pakken, maar zij is hem voor.

ANGELIQUE

NERGENS VOOR NODIG! (Meteen weer poeslief) Wat wilde je me ook alweer vragen?

BUURVROUW (BOVEN)

Ja, schiet op, Bastiaan, anders brandt m’n eten aan.

ANGELIQUE

BEMOEI JE ER NIET MEE!

BASTIAAN

Ik bedenk me opeens dat ik nog boodschappen moet…

ANGELIQUE

ZITTEN BLIJVEN JIJ!
Geschrokken laat bastiaan zich weer op een knie zakken.

ANGELIQUE (CONT.)

Zeg op, Bastiaan, waarom ben jij de hele stad doorgerend? Zonder jas door de regen. Waarom wilde je mij per se zien?
Met een vuurrood hoofd staart Bastiaan voor zich uit.

BASTIAAN

Ik… Ik…

ANGELIQUE

(fluistert) Vraag maar. Wat het ook is, ik zeg ja.
Bastiaan schraapt zijn droge keel. Stilte.

BASTIAAN

(zielig) … heb je een glaasje water voor me?
Een klap in het gezicht van Angelique.

ALLE BUREN (OFF)

WHOEAAH-HA-HA!

ANGELIQUE

D’ERUIT JIJ! WAT DENK JE WEL NIET?!
Ze duwt Bastiaan met kracht de woonkamer uit.

BASTIAAN

Maar… maar…

ANGELIQUE (OFF)

WEGWEZEN, GRIEZEL!

Het klokhuis | Frank & Stein

Het blijkt nog best lastig om zelf een mens samen te stellen. Zelfs voor meester Frank en zijn hulpje Stijn.

INT. TORENKAMER IN GOTHIC-STIJL — NACHT

KSSHHT! Door een getralied raam weerkaatst een bliksemflits. Een gebochelde KNECHT met een glazen weckfles komt binnen.

KNECHT STIJN

Meester Frank, ik heb het! Het brein van een professor!

MEESTER FRANK

Eindelijk! Nu is hij compleet!
Hij neemt de weckfles met het brein over en loopt naar een tafel, waarop een kolos van een man met banden ligt vastgebonden.

MEESTER FRANK (CONT.)

De benen van een sprinter, de armen van een bokser en dan nu het brein van een professor! Hier ligt de snelste, sterkste en slimste mens ter wereld, geschapen door mij, MEESTER FRANK!

KNECHT STIJN

En zijn knechtje Stijn.

MEESTER FRANK (VERVOLGT)

NIEMAND KAN TEGEN HEM OP!

KNECHT STIJN

Wij dus ook niet.
Meester Frank was al voorovergebogen om het brein te implanteren, maar komt weer half overeind.

MEESTER FRANK

Dat hoeft ook niet, want ik ben zijn meester. Mij zal hij gehoorzamen.

KNECHT STIJN

Tuurlijk, tuurlijk! (stilte) … tot hij zijn benen ziet.

MEESTER FRANK

Hoezo?! Het zijn prachtige benen! Van een echte hardloper!

KNECHT STIJN

Dat was eigenlijk de bedoeling, ja… maar die ging iets te snel voor mij.

MEESTER FRANK

Wiens benen zijn dit dan?

KNECHT STIJN

Uhh… van een pizzabakker in de Leidsestraat. Kijk maar, je kunt de olijven nog ruiken.
Hij besnuift het been. Stilte.

MEESTER FRANK

Een pizzabakker… (herstelt zich) Nou ja, dan nog blijft hij DE STERKSTE EN SLIMSTE MENS OP AARDE!

KNECHT STIJN

ZEKER WETEN! ABSOLUUT DE SLIMSTE!
Even blijft het stil.

MEESTER FRANK

En de sterkste! Want hij heeft de armen van een bokser.

KNECHT STIJN

Ja, ja… dat was ik wel van plan, maar ik kon ‘m echt niet aan.

MEESTER FRANK

Waar komen die armen dan vandaan?

KNECHT STIJN

Uhm… uit een sigarenzaak op de Nieuwmarkt.

MEESTER FRANK

Dit zijn de armen van een sigarenboer?!

KNECHT STIJN

Boerin. De haartjes heb ik erop getekend.
Stilte.

MEESTER FRANK

(herstelt zich) Nou ja, dan is hij nog steeds de aller…
Hij valt stil en bekijkt het brein in zijn handen.

MEESTER FRANK (CONT.)

Zeg eens eerlijk, als ik deze hersens inplant, kan hij dan meer dan twee woorden achter elkaar zeggen?

KNECHT STIJN

Het zou me verbazen… Ik heb nog nooit een pony horen praten.

MEESTER FRANK

De benen van een pizzabakker, de armen van een sigarenboerin en de hersens van een pony! Dit is… dit is… een MONSTER!
Ontgoocheld verlaat hij de torenkamer. Knecht Stijn kijkt hem na en ook het hoofd van het ‘monster’ komt overeind.

MONSTER

Vindt ie het niks?

KNECHT STIJN

Nee, vooral die pony, geloof ik. We moeten iets anders proberen.

MONSTER

De handen van een garnalenpelster misschien.

KNECHT STIJN

Ja! Leuk! En de knieën van een stratenmaker!

MONSTER

Hi-hi-hi! Of de kop van een duitse dog! (etc.)

Het klokhuis | Edelfruit

Zonder het zelf te weten, heeft een groentenman goud in handen.

INT. SJOFELE GROENTENWINKEL


Een GROENTEMAN haalt rotte appeltjes tussen de goede vandaan en gooit ze in een vuilnisbak. Het deurbelletje rinkelt en een rijkgeklede KLANT komt opgewekt binnen.

GROENTEMAN

G’middag. Kan ik voor u doen?

KLANT

Hm, weet ik nog niet. Wat kunt u mij aanraden?

GROENTEMAN

Pondje pruimen voor een euro, twee pompoenen voor de prijs van éen, bakje aardbeien voor—

KLANT

Stop! Zijn dat supersized aardbeien met een gouden kroontje en een betoverende zilverglans over het scharlaken velletje?

GROENTEMAN

Uh nee, ze zijn rood en nogal zuur.

KLANT

Ai! Da’s minder.

GROENTEMAN

Maar ik heb ook appels of bananen.

KLANT

Ja! Die!
Hij snelt naar een groene tros bananen aan een haak.

KLANT (CONT.)

Groene bananen! Hoe bijzonder! Vast een nieuwe soort met heilzame kwaliteiten en een sublieme smaak. Het resultaat van jarenlange experimenten met de allerbeste bananensoorten.

GROENTEMAN

Nou nee… Ze zijn gewoon nog niet rijp.

KLANT

O, wat jammer! (kijkt verslagen naar al het fruit) En heeft u niets anders? Iets unieks ? Iets verrassends?

GROENTEMAN

(onhandig) Ehh… peren?

KLANT

(euforisch) Ooooh, inderdaad! Nu zie ik het! Zo’n elegant postuur, dat brutale steeltje!
Met twee handen licht hij een peer als een pronkjuweel uit een kistje.

KLANT (CONT.)

Laat me raden: deze zijn dagelijks besprenkeld met bronwater?

GROENTEMAN

(liegt) Ja.

KLANT

En met de hand naar de zon toegedraaid om beter te rijpen?

GROENTENMAN

(liegt) Ja.

KLANT

Zeg maar niets meer! Ik betaal alles! Wat u maar vraagt! Deze peer MOET ik hebben. Noem uw prijs!
Met een groot gebaar trekt hij zijn portemonnee tevoorschijn. Stilte.

GROENTEMAN

Veertig cent?

KLANT

(verontwaardigd) Dat is diefstal! En ik ben geen dief! Deze peer is uniek in de hele wereld en dat mag best wat kosten!
Bliksemsnel schrijft hij een cheque uit.

KLANT (CONT.)

Hier, dat is een aanbetaling. De rest volgt in termijnen.
Hij draagt de peer naar de uitgang.

GROENTEMAN

Wilt u geen zakje of eet u hem meteen op?

KLANT

OPETEN?! Bent u nou helemaal?! Ik zet ‘m in een vitrine in de woonkamer! Al mijn vrienden zullen stinkend jaloers zijn! De duurste peer in de wereld!
Hij vertrekt. De groenteman blijft beduusd achter. Dan pakt hij een peer uit het kistje, kijkt ernaar en neemt een hap.

Het klokhuis | Dwaallicht

In het kader van de bezuingingen is de stadsverlichting vervangen door een meer dynamisch en milieu-vriendelijk alternatief.

EXT. STADSPLATTEGROND


Schemering. Een keurige voetganger met aktentas staat voor een bord met stadsplattegrond, die hij aandachtig bestudeert.

LAMPEMAN (OFF)

Het is bijna donker, dus ik kom maar vast bij u staan.
Naast het bord is een jongeman verschenen met een flinke constructie op zijn hoofd. Geschrokken deinst de voetganger achteruit.

VOETGANGER

Wat… Wie bent u?

LAMPEMAN

Uw persoonlijke paal.

VOETGANGER

Pardon?

LAMPEMAN

Uw licht.
Hij trekt aan een koordje naast zijn hoofd en een grote lamp gaat aan.

LAMPEMAN (CONT.)

Alle vaste lantaarnpalen zijn hier afgeschaft. Die stonden vaak nachtenlang te branden, zonder dat er iemand voorbijkwam. Dus hebben we nu bewegende, zoals ik.

VOETGANGER

U blijft de hele avond achter mij aanlopen?

LAMPEMAN

Precies! Da’s een stuk goedkoper en beter voor het milieu.
Opgewekt wrijft hij in zijn handen.

LAMPEMAN (CONT.)

Waar zullen we eens naartoe gaan?

VOETGANGER

Maar… maar… dat wil ik helemaal niet!

LAMPEMAN

Hoezo? Ben ik te scherp?

VOETGANGER

Dat u voor paal wilt lopen, moet u zelf weten, maar laat mij er alsjeblieft buiten!

LAMPEMAN

Zal ik een beetje dimmen?

VOETGANGER

Nee, ik red me wel in het donker!
Met een ruk draait hij zich weer naar de stadsplattegrond.

LAMPEMAN

Oké.
Hij trekt aan het koordje en het is meteen donker. Stilte.

VOETGANGER

Ehm… Weet u misschien waar de Spinozakade ligt?
Het licht wordt weer aangeknipt.

LAMPEMAN

Tuurlijk. (wijst op plattegrond) Langs de Diepegracht naar de Zwarte Bosjes, het vierde zandpad links om de parkvijver heen door de Dievensteeg en vlak voor het kanaal naar rechts.
Verbouwereerd staart de voetganger naar de plattegrond.

VOETGANGER

En nergens staan lantaarnpalen?

LAMPEMAN

Geeneen.

VOETGANGER

(zucht) Goed. Kunt u dan toch maar meelopen?

LAMPEMAN

Het is mijn plicht om u te verlichten!
De voetganger maakt al aanstalten om weg te lopen.

LAMPEMAN (CONT.)

Maar dat gaat helaas niet lukken.

VOETGANGER

Waarom niet?
De lampeman wijst naar het licht boven zijn hoofd.

LAMPEMAN

Oranje licht. Daarmee mag ik alleen op de hoofdwegen komen. En u gaat binnendoor waar het licht wit moet zijn.

VOETGANGER

MAAR… HOE KOM IK DAN OOIT OP DE SPINOZAKADE?!

LAMPEMAN

We kunnen een persoonlijk lichtplan voor u opstellen.
Hij wijst aan op de plattegrond.

LAMPEMAN (CONT.)

Ik breng u bijvoorbeeld tot aan de Zwarte Bosjes. Daar neemt mijn collega u over. Die heeft een halogeenlamp. En vanaf de Dievensteeg wordt u belicht door een medewerker van de binnenstad. Met een rode lampion.

VOETGANGER

MAAR DAT IS TOCH ABSURD?! HOE LANG GAAT DAT WEL NIET DUREN?! EN STEL DAT IK EEN AANSLUITING MIS?!

LAMPEMAN

Tsja… Er is nog éen andere mogelijkheid.
Hij haalt een kaars uit zijn binnenzak te voorschijn.

VOETGANGER

Een kaars?
De lampeman steekt de kaars aan en geeft hem aan de voetganger.

LAMPEMAN

Maar deze heeft u niet van mij.
Hij draait zijn eigen lamp uit en verdwijnt in het donker.

VOETGANGER

Ja, ehh bedankt!
Hij kijkt weer naar zijn kaars. Plotseling een windvlaag en het vlammetje gaat uit. Het is nu volkomen donker.

VOETGANGER

Heb ik weer…